De uitgaven die iemand doet om een opleiding of studie te volgen zijn aftrekbaar als de opleiding wordt gevolgd met als doel het verwerven van inkomen. De Hoge Raad heeft in het voorjaar van 2009 in een arrest geoordeeld dat voor de aftrek bepalend is dat de belastingplichtige die de kosten in aftrek wil brengen het oogmerk heeft om de opgedane kennis in de praktijk te gebruiken en hij in het jaar waarin hij de uitgaven deed in redelijkheid kon verwachten dat hij dit oogmerk na voltooiing van zijn opleiding zou kunnen verwezenlijken. Tijdens de opleiding moet steeds worden beoordeeld of hieraan is voldaan.

Op grond van de leeftijd van 63 jaar en zijn scholingsverleden wist iemand die al jaren in de bijstand zat niet aannemelijk te maken dat hij in redelijkheid kon verwachten dat hij na voltooiing van zijn opleiding als leraar aan de slag zou kunnen gaan. De gedane uitgaven voor de opleiding konden daarom niet in aftrek worden gebracht.